opmerkingen? print deze pagina search
home
22.12.2005 » Urbi et Orbi (De Exercitio et Amicitia)

Beste Broeders en Zusters,

Ook bij de jaarwende wenst de Vlaamse paus van de triatlonorakels enkele existenti?le en minder filosofische overwegingen met U te delen. God zegene U.

Mijn transferdocument is aangetekend verstuurd, de derde verkoudheid in evenveel maanden afgeslagen, de handtekeningen onder mijn AA-contract geplaatst, het jaarlijkse griepvaccin gezet en de andere spuiten ook al besteld: laat 2006 maar komen !

M??r zelfs, ik heb hoogst aimabel gezelschap gevonden om 2 maal per week Leuvens nieuwste sporttempel ?s morgensvroeg te komen teisteren (met mijn imposante hoestbuien en dito zwemtechniek). De tweede van de heren uit de superprestigeranking van 2005 trotseert samen met zijn vrouwelijke evenknie om 7 uur het donkere ochtendgloren, beu als hij het was om onverminderd ?s avondslaat te trainen, en dus ook later te eten, te gaan slapen en ook op te staan. Ik moet zeggen dat het nieuwe leven me dan ook bevalt. De avondstond heeft mijns inziens nog altijd minstens zoveel goud in de mond, maar je bekijkt de ganse dag toch door een ietofwat rozere bril als je om 9 uur ?s ochtends al 4 zwemkilometers achter de kiezen hebt. Ik vond dat ik op dit vlak stilaan wat meer discipline kon gebruiken. Het was tijd om de grenzen weer wat te verleggen, en het was tout court ook weer tijd voor wat verandering. Ik draag ?variatie in de training? dan ook hoog in het vaandel. ?Training? is tot nader inzicht toch niet meer of niet minder dan ?het lichaam gewoon maken aan?, en ik ben er dan ook intu?tief en ? om in de kerstsfeer te blijven ? heilig van overtuigd dat het een meerwaarde aan een trainingsprikkel geeft om niet steeds op hetzelfde uur het sportgerief aan te trekken. ?Een echte triatleet kent geen uren?, zo heb ik vaak beweerd o.w.v. de veelheid aan trainingen, maar ik zou zeggen: een triatleet m?g die uren zelfs niet kennen. Variatie in het trainingsproces en over de jaren heen kan ook alleen maar bijdragen tot het trainingsplezier ?n het prestatievermogen: het lichaam (en de mens in zijn geheel) reageert niet op steeds weer hetzelfde; monotonie bot af.

nieuws img


Er zijn echter n?g redenen waarom matinale trainingsarbeid nastrevenswaardig kan zijn. Vele lange-afstandstriatlonwedstrijden vangen reeds aan in vroege uurtjes en dat is minder evident dan het eruitziet. Op tijd in bed kruipen is misschien ??n ding, het lichaam activeren (?wakker worden?) is in elk geval een ander ding. We lezen voor uit het evangelie:


Effects of Active Warm-up and Diurnal Increase in Temperature on Muscular Power.
Medicine & Science in Sports & Exercise. 37(12):2134-2139, December 2005.

RACINAIS, SEBASTIEN; BLONC, STEPHEN; HUE, OLIVIER



Abstract:
Purpose: To investigate the effects of both an active warm-up (AWU) and the diurnal increase in body temperature on muscular power.

Methods: Eight male subjects performed maximal cycling sprints in the morning (7:00-9:00 a.m.) and afternoon (5:00-7:00 p.m.) either after an AWU or in a control condition. The AWU consisted of 12 min of pedaling at 50% of VO2max interspersed with three brief accelerations of 5 s.

Results: Rectal temperature, maximal force developed during the cycling sprint, and muscular power were higher in the afternoon than in the morning (P < 0.05). Rectal temperature, calculated muscular temperature, and muscular power were higher after AWU than in control condition (P < 0.05).

Conclusions: The beneficial effect of an AWU can be combined with that of the diurnal increase in central temperature to improve muscular power.


Het ene (cfr. supra) en het andere (Waterhouse et al., 2001) onderzoek suggereert dat trainen in de late namiddag bij iedereen veel vanzelfsprekender is: ook bij de zogenaamde ochtendtypes is de lichaamstemperatuur het hoogste op dat moment van de dag. De boodschap is dus oefenen, voor wie v??r dag en dauw presteren wil. De genetische ?make-up? mag dan nog voor 50% bepalen of je eerder een avond- dan wel een ochtendtype bent (Vink et al., 2001), de andere helft is nog steeds het gevolg van je levensstijl. Zoals gewoonlijk is het niet ?nature OR nurture?, maar een kwestie van beiden. De aandachtige en ambitieuze triatleet zal bij het lezen van het abstract ook reeds hebben opgemerkt dat enige opwarming voor de wedstrijd het prestatievermogen alleen maar ten goede kan komen. Over het effect van opwarming in het kader van blessurepreventie spreken de auteurs zich dan nog niet uit. Bij wie het bovenstaande abstractje trouwens ook nog herinneringen oproept aan het artikel van Drust et al. (?No brain no gain?, 19-08-2003) mag zich gerust een ?trouwe lezer? van mijn website noemen. Ook op de metabole aspecten (verhoogde vetverbranding; Achten & Jeukendrup, 2004) van ?nuchter? trainen gaan we nu niet verder in...

Pardaenske lijkt dus klaar om in de superprestige van 2006 meer botten euh potten dan ooit te gaan breken. Of toch niet helemaal: de hamstrings die hem 4 maand geleden hebben genekt, zijn de voorbije weken toch weer enkele malen de neus aan het venster komen steken. Andr? Adam, de papa van mijn Stefanietje en vermaard fysisch geneesheer, heeft mij geadviseerd de looptrainingen voor een maand op een lager pitje te zetten en me terzelfdertijd nog eens goed door kin? Michel Druppel onder handen te laten nemen. Ondertussen zorgen duivel-doet-al Rudi Frankinouille en zijn Mieke ervoor dat ik niet met mijn vingers hoef te draaien: naar verluidt is mijn zwemstijl voor verbetering vatbaar... Hoop doet leven.

Zolang er hoop is, is er leven. Leven in de brouwerij, hebben we dat niet nodig? Ik wens ieder van jullie een flinke brok vitaliteit (er is naar verluidt nog wat te koop op het nr. 0499/42.44.31; zolang de voorraad strekt), om er het beste van te maken in voor- ?n tegenspoed. Ja, ik wens jullie ?n mezelf ??k een beetje van dat laatste. Onder andere Busso et al. (2003) hebben ondertussen aangetoond dat we af en toe een beetje tegenwind broodnodig hebben om te supercompenseren, m.a.w. om het prestatievermogen te doen toenemen, of ? in de volksmond ? op termijn gewoonweg wat beter te worden.

De man aan de haard in spe groet u,
Santa Karel



Referenties

Achten J, Jeukendrup AE. Optimizing fat oxidation through exercise and diet (Review); Nutrition 20: 716-27, 2004.

Busso T. Variable dose-response relationship between exercise training and performance; Med Sci Sports Exerc 35: 1188-95, 2003.

Vink JM, Groot AS, Kerkhof GA, Boomsma DI. Genetic analysis of morningness and eveningness; Chronobiol Int 18: 809-22, 2001.

Waterhouse J, Folkard S, Van Dongen H, Minors D, Owens D, Kerkhof G, Weinert D, Nevill A, Macdonald I, Sytnik N, Tucker P. Temperature profiles, and the effect of sleep on them, in relation to morningness-eveningness in healthy female subjects; Chronobiol Int 18: 227-47, 2001.


 

Bookmark and Share

 

naar boven


e-visible {new media solutions}