opmerkingen? print deze pagina search
home
06.06.2004 » David ontmoet Goliath in Zundert

Beste triatlonvrienden,

Nee, ik deed NIET in mijn broek toen ik eergisteren per toeval nog eens naar de deelnemerslijst van de elitewedstrijd ging kijken. Ik geef toe, ik moest wel effe slikken. De website van de kwarttriatlon in Zundert was wekenlang niet upgedated, en het had er alle schijn van dat er dit jaar niet zoveel grote vedetten zouden komen opdagen. In laatste instantie hadden verschillende zware kanonnen blijkbaar toch nog de dikke prijzenpot (20.000 EUR) van de internationale elitewedstrijd geroken.

Zoals de meesten onder jullie weten, staat het Nederlandse grensstadje elk jaar op de eerste zondag van juni op zijn kop o.w.v. het triatlon. ’s Ochtends vinden er zogenaamde recreatieve en promo-triatlons plaats. Op het middaguur geeft men het startsein van de superprestige (SP)-wedstrijd waarin traditioneel de meeste Belgen van start gaan omdat er punten voor de SP-eindrangschikking te verdienen zijn. Als “top of the bill” tenslotte, wordt dan tegen 14u00 (13u00 voor de – knappe – dames) nog een wedstrijd met internationaal geweld losgelaten.
Na een 3-tal deelnames aan die SP-wedstrijd was ik er effe op uitgekeken. Ik vond het telkens weer een veredelde kermiskoers omdat vele van de betere Belgen toch telkens weer aantraden in de elitewedstrijd. Dat motiveerde me onvoldoende. Ik hou van een beetje meer uitdaging, en dus koos ik er enkele maanden geleden reeds voor om me in te schrijven in de internationale race – in de hoop dat mijn zwemmen erop vooruitgegaan zou zijn t.a.v. vorig jaar, en los daarvan, om wat nieuwe ervaringen op te doen.

De internationale wedstrijd gold dit jaar o.w.v. de nakende Olympische Spelen (OS) niet als ITU-points race. D.w.z. dat men er geen punten kon verdienen i.f.v. de ranglijst die de ITU (International Triathlon Union) opmaakt, en waarop o.a. de nationale federaties zich baseren om atleten al dan niet af te vaardigen naar de OS. Dit was wellicht een reden waarom de inschrijvingen niet liepen als een trein, aldus de organisatie, en verschillende toppers zich pas ter elfder ure kwamen melden. Maar dan welke toppers: de Clijsters en de Museeuws van het triatlon, de Luc Van Lierdes en de Peter Reids van het kwart-triatlon. Om enkele spraakmakende namen te noemen: de Kazach Dmitry Gaag (2de op de wereldranglijst (WR) en onlangs nog 3de op het WK in Madeira), de Nieuw-Zeelander Shane Reed (13de op de WR), de Fransman Cedric Fleureton (winnaar van vorig jaar), Richard Allen (meervoudig Brits Kampioen), en de Nederlanders Eric van der Linden (2 weken geleden nog winnaar van het BK kwart in Meerhout) en Sander Berk (die vandaag startte als titelverdediger, gezien de wedstrijd tevens als Nederlands Kampioenschap (NK) kwart gold). Dus kwam ik vrijdagnamiddag ineens tot het besef dat ik als kleine prutser aan de start zou verschijnen met enkele ronkende namen die ik enkel kende van de tijdschriftjes, de websites en de fotootjes. Ik voelde me enerzijds als de dwerg David die het moest opnemen tegen de grote reus Goliath. Tegelijkertijd vond ik het echter al evenzeer een eer en een beetje een droom om te mogen aantreden met mannen waarnaar ik toch wel een beetje opkijk.

Het kwam er natuurlijk wel op aan om ze nog een beetje te kunnen volgen, in de eerste plaats in het zwemmen. Ik kon toch niet echt op mijn twee oren slapen, want ik wist echt niet wat voor vlees ik in de kuip zou hebben. Van de 62 deelnemers waren er slechts een kleine 25 Nederlanders op het app?l (voor hun eigen NK toch, nota bene), en ik kon me niet echt voorstellen dat die allemaal sneller zouden zwemmen dan ik, maar toch... Vele van de overige Tsjechen, Australi?rs, Russen, Duitsers, Britten,... kende ik van haar noch pluim... En daar waar voorgaande jaren steeds een 10-tal landgenoten voor de elite-wedstrijd opdaagden, prijkten nu slechts de namen van welgeteld twee Belgen op de affiche: vice-Ironman Rutger Beke en een zekere Pardaens... De twee snelste lopers-triatleten, maar ook de dappersten onder de Belgen? Waar dat al die (pseudo-?) ambitieuze jonge leeuwen zaten die internationale ervaring willen opdoen, en of onze federatie die er ten gepasten tijde centen aan spendeert, hier niet in tussenbeide zou moeten komen, zullen we maar in het midden laten, zeker?

Vanmiddag om 14u00 werden we dus voor de grote leeuwen geworpen. Net als 2 weken geleden zwom ik weer zij aan zij met Rutger, en daar had ik eerlijk gezegd ook wel een beetje op gehoopt. Een betere locomotief kan je je immers niet dromen... We wisselden dus gelijktijdig en beet me dadelijk vast in Rutgers wiel, overigens met goed geluk... Ik begin zijn streken zo ondertussen wel te kennen: er zijn zo van die ezels die zich geen twee maal aan dezelfde steen stoten. Als Rutger begint te schakelen en zich platlegt op zijn stuurtje, dan weet ik hoe laat het is (en kon ik maar beter hetzelfde doen en eens diep inademen). We hadden ondertussen echter 2.5 minuut achterstand opgelopen in het zwemmen, en de grootste vogels waren dus al zeker gaan vliegen. Da’s wschlk ook het juiste woord, want we scheerden tegen een gemiddelde van 43 km/u over het asfalt, en er was dan ook niemand die kon ontsnappen uit ons derde en almaar omvangrijker wordende peloton (circa 20 man). Naarmate de 40 fietskilometers echter vorderden viel het tempo spreekwoordelijkerwijs stil, en we verloren nog enkele minuten op de eerste twee pelotons. “Eerste reekshoofd” Dmitry Gaag, die het weliswaar nooit echt van zijn zwemmen moet hebben, had de kopgroep echter ook gemist. Wellicht toch een teken dat er niet getreuzeld geworden is in het 17?C-koude water van "De Mosten"; als je echt niet uit de voeten kan in het water, geraak je immers wschlk niet tot op de 2de plaats van de WR...

nieuws img


Na een bij momenten toch zenuwachtig fietsgedeelte slaagde ik er dan toch in om samen met o.a. Rutger de tweede wissel binnen te stormen. Ons grote loopduel lonkte... Ik wisselde echter zeer traag (geraakte niet goed in mijn tweede schoen) en verliet als laatste van ons peloton het fietsenpark. Onmiddellijk had Rutger 50m bonus op de hoogblonde turbo, en dat gat zou hij niet meer dichten. Integendeel, terwijl Shane Reed in een nieuw parcoursrecord aan de haal ging met de hoofdvogel en mijn DOK-clubgenoot Dennis Looze met de Nederlandse titel, liep Rutger nog enkele 100m verder van mij weg. Vandaag was hij zeker en vast sterker dan ik, maar – en dat is helemaal geen bluf of valse uitvlucht – ik had geen goed gevoel tijdens het lopen. Na de eerste van de 4 looprondjes was de “dash” eraf, ik miste de snee die er vb. wel op zat in Meerhout.

Maar niet te hard getreurd: ik strandde op een 20ste plaats, en ik denk dat ik daar vooraf voor getekend zou hebben. Het was weer een hele belevenis en heb er absoluut geen spijt van dat ik me niet voor de SP-wedstrijd ingeschreven heb. Of ik in die elite-wedstrijd nu echt op mijn plaats ben of niet, ik ben toch een beetje fier (en ik vind dat je dat op tijd best mag zijn) dat ik niet voor de uitdaging ben teruggedeinsd. Er komen nog meer dan voldoende gelegenheden om Belgische onderonsjes uit te vechten.
Na twee wedstrijden denk ik wel te mogen concluderen dat mijn zwemvermogen er niet op vooruitgegaan is t.o.v. vorig jaar, en dat stemt me niet echt gelukkig. Hetzelfde geldt voor mijn liesblessure, die zich vandaag, zowel tijdens als na de wedstrijd, ook weer wat teveel naar mijn zin liet gevoelen. Ik dacht dat ik het probleem in de hand had, maar deze vaststelling zorgt voor een klein deukje in mijn zelfvertrouwen. Waaraan de lichte terugval te danken is, daarover zal ik me de komende dagen weer even moeten bezinnen.

Volgende week wil Pardaenske er immers in elk geval wel opnieuw “staan”, voor de wedstrijd in zijn eigenste geboorte- en woonplaats, Leuven. Na mijn plichtplegingen i.f.v. onze democratische staat (lees: noodgedwongen participeren aan het circus dat men verkiezingen pleegt te noemen) begeef ik me naar de Vaartkom voor een primeur in de Belgische triatlongeschiedenis. In een speciale en hopelijke attractieve formule, omgedoopt tot de “Supercup triatlon”, hoop ik mijn beste beentje voor thuispubliek te kunnen voorzetten. De zwemafstanden zijn relatief kort, de loopafstanden relatief lang, en het heuvelachtige fietsparcours is voor ??n keer op mijn maat gesneden. Als het nu ook nog eens bloedheet wil zijn, dan geraakt de turbo zeker op temperatuur...

 

Bookmark and Share

 

naar boven


e-visible {new media solutions}