opmerkingen? print deze pagina search
home
23.09.2008 » Het wordt warm in Hawaii: een bloemlezing (3')


Med Sci Sports Exerc. 2004 Aug;36(8):1328-35.

Vitamin E and immunity after the Kona Triathlon World Championship.

Nieman DC, Henson DA, McAnulty SR, McAnulty LS, Morrow JD, Ahmed A, Heward CB. Department of Health and Exercise Science, Fischer Hamilton/Nycom Biochemistry Laboratory, Appalachian State University, Boone, NC 28608, USA.

PURPOSE: To measure the influence of vitamin E ingestion on oxidative stress and immune changes in response to the Triathlon World Championship in Kona, Hawaii.

METHODS: Thirty-eight triathletes received vitamin E (VitE) (800 IU x d(-1) alpha-tocopherol) or placebo (Pla) capsules in randomized, double-blind fashion for 2 months before the race event. Blood, urine, and saliva samples were collected the day before the race, 5-10 min postrace, and 1.5 h postrace.

RESULTS: Race times did not differ between VitE (N = 19, 721 +/- 24 min) and Pla groups (N = 17, 719 +/- 27 min, P = 0.959), and both groups maintained an intensity of approximately 80% maximum heart rate during the bike and run portions. Plasma alpha-tocopherol was approximately 75% higher in the VitE versus Pla group prerace (24.1 +/- 1.1 and 13.8 +/- 1.1 micromol x L(-1), P < 0.001, respectively) and postrace. Plasma F2-isoprostanes increased 181% versus 97% postrace in the VitE versus Pla groups (P = 0.044). IL-6 was 89% higher (166 +/- 28 and 88 +/- 13 pg x mL(-1), respectively, P = 0.016), IL-1ra was 107% higher (4848 +/- 1203 and 2341 +/- 790 pg x mL(-1), respectively, P = 0.057), and IL-8 was 41% higher postrace in the VitE versus Pla groups (26.0 +/- 3.6 and 18.4 +/- 2.4 pg x mL(-1), respectively, P = 0.094).

CONCLUSION: These data indicate that vitamin E (800 IU x d(-1) for 2 months) compared with placebo ingestion before a competitive triathlon race event promotes lipid peroxidation and inflammation during exercise.



nieuws img

Al die gecommercialiseerde anti-oxidanten: ?zever in pakskes??!?


Het menselijk lichaam zit vernuftig in elkaar. Tijdens training of (zware) inspanning komen "schadelijke" stoffen vrij, zoals "vrije radicalen", maar die hebben een functie. Zij zetten herstelprocessen in gang. Zij zorgen er zelfs voor dat we niet alleen gaan herstellen maar zelfs gaan "over-herstellen". In half Latijn wordt dat fenomeen aangeduid als "super-compenseren": het lichaam gaat zich sterker opstellen dan voor het aan de training begon, en op die manier kan het prestatievermogen toenemen. Ontstekingsremmers en "anti-oxidanten" zullen - logisch geredeneerd - daarom vermoedelijk wel, net zoals de (voorlopig nog) populaire "ijsbaden", spierpijn en -schade reduceren en op korte termijn het herstel bespoedigen: dat kan handig zijn als dit aan de orde is, zoals tijdens meerdaagse tornooien of rittenwedstrijden (van der Loo, NLCoach, september 2008). Meestal is het echter de bedoeling om trainingseffecten tot uiting te laten komen, en dus op langere termijn het prestatievermogen te doen toenemen: dan is er slechts 1 simpel "middeltje" dat even doeltreffend is als goedkoop, en dat heet "rust". Dure en zogezegd geavanceerde "nutriceuticals" werken dan logischerwijze contraproductief.

Training moet een zekere vermoeidheid met zich meebrengen, want zonder die vermoeidheid geen trainingseffect. NSAID's, anti-oxidanten en ijsbaden zijn dus net zo zinvol als - moest het bestaan of ooit onder die naam verkocht worden - een pilletje tegen de opgezochte vermoeidheid. Vermoeidheids- en zekere ontstekingsreacties zijn even essentieel als trainen en rusten zelf. Het (medicamenteus) onderdrukken van de fysiologische ontstekingsreacties betekent zoveel als het onderdrukken van het "ontstekingsmechanisme" voor trainingseffecten. Waarom dan nog gaan trainen?

 

Bookmark and Share

 

naar boven


e-visible {new media solutions}